Banner

Huurzaken | woonruimte

Woonruimte

 

Diverse soorten huurovereenkomsten bij woonruimte, onder meer:

Huur voor onbepaalde tijd

Verhuurder en huurder gaan een huurovereenkomst aan met een open einddatum. In feite bepaalt de in acht te nemen opzegtermijn het einde van de huurovereenkomst, met dien verstande dat de rechter zich daarover nog moet uitlaten indien de huuropzegging is gedaan door de verhuurder. Opzegging door de huurder brengt zonder procesgang een einde aan de huurovereenkomst.

Huur voor bepaalde tijd

Strikt genomen zijn er slechts 3 wettelijke mogelijkheden (artikel 7: 274 lid 2, sub a, b en c BW):

1. de verhuurder wenst zelf na een periode de woning weer te betrekken;
2. de verhuurder wenst zelf de woning te betrekken waarin hij zelf niet eerder heeft gewoond;
3. een huurder van de verhuurder wenst na tijdelijke afwezigheid de woning weer te betrekken;

Huur voor bepaalde tijd op grond van de Leegstandwet

Door de regelgeving van de Leegstandwet kan een huurovereenkomst voor bepaalde tijd worden overeengekomen. De Leegstandwet biedt de eigenaar van een leegstaande woning de mogelijkheid om deze tijdelijk te verhuren bij gewenste verkoop van de eigen woning, bij sloop of renovatie. De wettelijke huurbescherming die de huurder van woningen heeft, wordt op grond van artikel 15 lid 1 van de Leegstandwet beperkt. als PDF bekijken

Er is een vergunning nodig van de gemeente. Is de vergunning aan de eigenaar van de te verhuren woning verleend, dan kan de eigenaar bij daadwerkelijke verkoop van de woning de huurovereenkomst opzeggen zonder gebonden te zijn aan de wettelijke opzeggingsgronden.

Huur naar zijn aard van korte duur (artikel 232 lid 2 BW)

De overeenkomst naar zijn aard van korte duur is in feite een huurovereenkomst voor bepaalde tijd (korte duur), doch niet in de zin van artikel 7: 274 lid 2 sub a, b en c BW. Onder de aard van korte duur vallen naar oorsprong de huurovereenkomst met betrekking tot vakantiehuisjes en zogenaamde wisselwoningen (denk aan een tijdelijke woonruimte bij renovatie of dringende werkzaamheden). Op deze overeenkomsten zijn de beschermende bepalingen van het woonrecht niet van toepassing. Bij het aangaan van de huurovereenkomst is het voor de huurder duidelijk dat hij na afloop van de termijn het gehuurde moet verlaten. Er bestaat in de rechtspraak een zekere mate van verruiming, doch zeer terughoudend.

Hospitaverhuur (artikel 7: 232 lid 3 BW)

De voorwaarden voor hospitakamers zijn:

1. het moet gaan om een niet zelfstandige woning (onzelfstandige woonruimte);
2. het moet gaan om een deel van de woning waarin de verhuurder zijn hoofdverblijf heeft;
3. waarin niet eerder aan dezelfde huurder woonruimte is verhuurd.

De hospita kan binnen de eerste negen maanden de huurovereenkomst opzeggen zonder opgave van redenen (proefperiode). Na negen maanden is er sprake van huurbescherming.

Campusverhuur (artikel 7: 274 lid 4 BW)

Campuscontracten vormen een soort overeenkomst voor bepaalde tijd. Deze overeenkomsten zijn bedoeld voor de verhuurders van woningen en kamers voor studenten. Voor deze bijzondere doelgroep van huurders zijn de opzeggingsmogelijkheden voor de verhuurder verruimd. Dit is gedaan om doorstroming van woningen voor studenten te bevorderen. Voor het overige gelden de normale regels van opzegging.

 

 

 

Bureau Breij B.V.